De Groote Wielen
Gebiedsbeschrijving
De Groote Wielen vormen een gevarieerd landschap. Het is een veengebied, gevormd na de laatste ijstijd. In het westen is over het veen een dunne laag klei afgezet door overstromingen vanuit de voormalige Middelzee. Het gebied is in totaal 618 hectare groot en bestaat uit moeras, zomer- en winterpolders, boezemland, water en twee eendekooien. Het is kerngebied in de Ecologische Hoofdstructuur en is sinds 2000 aangewezen als Speciale Beschermingszone onder de Europese Vogelrichtlijn. Het gebied is in beheer bij It Fryske Gea.
Fauna
Wat betreft vogels is het gebied van groot belang voor zowel broedvogels (weidevogels, moerasvogels) als voor overwinterende vogels (ganzen, eenden).
Vooral de westelijk gelegen Binnemiede en Weeshuispolder zijn belangrijk broedgebied voor soorten als Kievit, Grutto en Tureluur. Bijzondere moerasvogels in De Groote Wielen zijn Bruine Kiekendief, Porseleinhoen en Buidelmees.
Vanaf de herfst tot het vroege voorjaar liggen de zomerpolders onder water. Als er ijs ligt is dit een populair gebied om te schaatsen. Het gebied behoort tot de belangrijkste wetlands in Fryslan en Nederland. Tienduizenden ganzen en eenden komen er rusten, ruien, slapen en pleisteren. Met name de aantallen Kolgans, Brandgans en Smient kunnen hoog oplopen.
In de natte rietlanden is het voorkomen van de Noordse Woelmuis vastgesteld. Verder komen er in het gebied onder andere Ree, Vos, Bunzing, Hermelijn en Wezel voor.
Ook komen er vele vlinder- en libellensoorten voor. Bij vlinders gaat het vooral om graslandvlinders als Bruin Zandoogje, Argusvlinder, Zwartsprietdikkopje en Hooibeestje. Langs de Canterlandseweg tussen Gytsjerk en Miedum (richting Lekkum/Leeuwarden) loopt langs het fietspad een vlinderberm. Deze is in beheer bij de Wielenwerkgroep. Aan het begin staat een bord met informatie over de aanwezige vlindersoorten. Libellen zijn talrijk aanwezig in De Groote Wielen met soorten als Lantaarntje, Grote Roodoogjuffer, Gewone Oeverlibel, Glassnijder en Groene Glazenmaker.
  
Flora
De variatie in bodemtypes weerspiegelt zich ook in de aanwezige vegetatie. Zo komen er in de zomerpolders een aantal goed ontwikkelde dotterbloemhooilanden voor, met soorten als Gewone Dotterbloem, Waterkruiskruid, Echte Koekoeksbloem en Bosbies. De weidevogelgebieden Binnemiede- en Weeshuispolder bestaan uit bloemrijke graslanden met een kleurrijke schakering van Veldzuring, Pinksterbloem en Scherpe boterbloem. Ook liggen hier nog resten van blauwgraslanden, met soorten als Blauwe Zegge en Spaanse ruiter.
Route
Dit bijzondere natuurgebied vindt u tussen Leeuwarden, Gytsjerk en Ryptsjerk, aan de noordzijde van de Groninger Straatweg (E10). Door het gebied lopen enkele wandelroutes. Deze zijn te bereiken vanaf het uitzichtpunt aan de Westerdyk tussen Ryptsjerk en Gytsjerk (niet het hele jaar toegankelijk), en vanaf het parkeerterrein langs de E10 tussen Tystjerk en Leeuwarden (tegenover Aquazoo).
Langs de Kooiweg ten zuiden van Gytsjerk staat een schuilhut, met vooral 's winters een spectaculair uitzicht op duizenden watervogels.
|